Lessen uit geprivatiseerde KPN voor te privatiseren ABN

Beschermingsconstructies zijn op dit moment weer onderwerp van discussie. Een korte samenvatting van de historie is dat tot ongeveer het einde van de jaren-80 van de vorige eeuw de Nederlandse beursfondsen zich alle beschermden tegen vijandige overnames door middel van een variëteit van beschermingsconstructies. In de jaren-90 is daarin een kentering gekomen en begon het besef post te vatten dat bescherming ook kon leiden tot inefficiënties. De vraag over de wenselijkheid van beschermingsconstructies vormde onderdeel van het in die periode ontstane corporate governance debat. De voorstanders van beperking van de beschermingsmogelijkheden stelden dat meer aandeelhouders invloed zou leiden tot beter toezicht op en disciplinering van het management. De tegenstanders van een dergelijke beperking wezen op het gevaar van “uitverkoop” van de Nederlandse beursfondsen. De discussie kreeg meer dynamiek door de boekhoudschandalen in het begin van deze eeuw. Een veelgehoorde opvatting was dat disciplinering door aandeelhoudersinvloed (nog) meer bevorderd moest worden. Zo rond 2004 kwam en enigszins terug op deze opvatting toen bleek dat activistische aandeelhouders, zoals hedge funds, de Nederlandse markt betraden en werden gezien als “sprinkhanen” die Nederlandse onderneming leeg zogen met het oog op kortetermijnwinsten en ten nadele van de stakeholders van dergelijke ondernemingen.

Op dit moment is het gevoelen dat Nederlandse ondernemingen een zekere bescherming behoeven tegen bepaalde vijandige overnames en ongewenst aandeelhouders activisme.

Tegen deze achtergrond is het interessant om naar actuele ontwikkelingen te kijken:
ABN Amro wil beschermd naar de beurs en geeft de voorkeur aan certificering van haar aandelen. Mylan wordt “aangevallen” door Teva en activeert haar stichting die preferente aandelen kan uitgeven.
De meeste beursfondsen beschermen zich door middel van dergelijke preferente beschermingsaandelen. Recente voorbeelden van het gebruik daarvan waren de avances van America Movil richting KPN en de poging van Boskalis om de beschermingswal van Fugro te doorbreken.

De vraag is hoe veilig juridische beschermingsconstructies eigenlijk zijn. Aan de hand van een korte analyse van de Boskalis-zaak worden de nodige vraagtekens geplaatst bij het kennelijk vertrouwen van Nederlandse beursfondsen op hun beschermingsconstructies.

MENU